Als de envelop op de mat valt en je leest de brief – duizenden en duizenden euro’s terugbetalen aan de Belastingdienst – dan denk je toch: dit is een foutje, dit ga ik rechtzetten? Dan denk je: ik bel de Belastingtelefoon, ik vertel dat dit niet klopt, dat ik nooit heb gefraudeerd en dan zal blijken dat het een foutje is. Het recht zal zegenvieren, de waarheid komt boven tafel. Maar bij vele duizenden Nederlanders (opvallend vaak mensen met een migratieachtergrond) gebeurde dat niet: zij lazen die brief, schrokken zich wezenloos, kwamen in verzet maar kregen geen gelijk. Het zijn de schrijnende verhalen die vanaf 2017 het nieuws haalden, maar daarvoor – in stilte – mensen tot wanhoop hadden gedreven, gezinnen verscheurd, levens verwoest.
Zo’n verhaal staat centraal in de theatervoorstelling Medea voor een toeslagenherdenking. Hier leidt een onterechte beschuldiging van toeslagenfraude ertoe dat Maria (Urmie Plein) wordt verlaten door haar partner (Dennis Rudge). Om de boel te redden, zegt hij, maar hij gelooft haar ook niet helemaal. Zij deed de financiën en waar rook is, is vuur. Als alle lichten op rood springen, moet je toch íéts verkeerd gedaan hebben.
Ruzie door de slaapkamermuur
Maria’s zoon vertelt dit verhaal grotendeels, met een mooie mix van nonchalance en afmatting gespeeld door Joe Sinduhije. Als minderjarige wil hij zijn moeder redden van de schulden. Hij begint met een krantenwijk, maar belandt al snel in de criminaliteit. Hierdoorheen zijn passages uit de Oudgriekse tragedie Medea van Euripides gevlochten – het klassieke verhaal over een moeder die overeind probeert te blijven als haar man haar verlaat en zij achterblijft met het nageslacht.
https://www.youtube.com/embed/1JQ6K3hZftYIn regie van Angelo Ormskerk heeft het eindresultaat een overduidelijke boodschap. Het is een zware en duistere performance, kracht bijgezet door stemmige livemuziek van toetsenist Jeremiah Owusu-Ansah. Op zijn galmende soundtrack vallen we Maria’s leven binnen: de zoon hoort zijn ouders ruziën door de slaapkamermuur. Vervolgens schrijft zij instantie na instantie aan, maakt bezwaar en vecht – tot ze eraan onderdoor gaat en haar zoon uit het oog verliest.
De uitzichtloosheid van de situatie spreekt ook uit het decor: als getuigen van een ramp zitten de acteurs roerloos tegen kil-betonnen blokken, op grijze stoelen. Het leed wordt vet onderstreept in de tekst, door de muziek en de vormgeving. De boodschap van onrecht komt binnen, maar theatraal voelt het eendimensionaal. De meerwaarde van Euripides’ teksten blijkt ook niet altijd: momenten waarop dialogen uit deze klassieker worden opgedist, voelen vaak gekunsteld.
Hoogtepunt is Urmie Plein als Maria, die haar vechtlust én wanhoop van de bühne laat kletteren. Zij is weergaloos als iemand die niet opgeeft en worstelt. Iedereen zegt: meebuigen, laat het gaan, maar zij blijft overeind en ‘wint’ uiteindelijk, terwijl ze alles al verloren heeft.


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/26185915/ANP-556820382.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/26141058/260426SPO_2033301627_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/24142746/270426DEN_2033186650_chronisch.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/23205249/230426VER_2033262906_Oekraine.jpg)

/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/23140235/240426ECO_2033227369_.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/23115731/240426WET_2033112099_1.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/22085332/240426WEE_2032887323_1.jpg)
English (US) ·