In de laatste vergadering voor de Amsterdamse gemeenteraadsverkiezingen gaat het ineens over piemels. Een raadslid werpt de vraag op wie zich nu eigenlijk schuldig heeft gemaakt aan overlast bij Stek Oost, een wooncomplex waar sinds 2018 studenten en statushouders samenleven. „Het gaat om personen met een piemel”, stelt ze.
Het was een opmerkelijk moment in het met spoed ingelaste debat dat draait om de vraag wat het college deed met waarschuwingen en adviezen. „Bij Stek Oost hebben bewoners jarenlang te maken gehad met intimidatie en incidenten die diep ingrijpen in het gevoel van thuis zijn. En als mensen zich in hun eigen woonomgeving niet veilig voelen, dan hebben wij als gemeente een probleem”, zei VVD-raadslid Myron von Gerhardt.
Voor de tweede keer in korte tijd stond Stek Oost in de Amsterdamse gemeenteraad op de agenda. Aanleiding was een zogenoemd interpellatiedebat, aangevraagd door de VVD – een stevig politiek middel waarmee raadsleden een wethouder direct kunnen ondervragen. In dit geval ging het om wethouders Rutger Groot Wassink (Opvang) en Zita Pels (Volkshuisvesting). Volgens met name de VVD en JA21 reageerden zij jarenlang te laat én te voorzichtig op signalen van onveiligheid bij het wooncomplex.
De veiligheid van bewoners in het complex, jongeren én vluchtelingen, kon niet meer gegarandeerd worden. Ook medewerkers voelden zich onveilig
Amsterdam had in 2016 de landelijke primeur met gemengd wonen. Het werd gezien als een veelbelovende manier om statushouders te huisvesten in een overvolle woningmarkt. Twee jaar later startte Stek Oost: een project waar Amsterdamse jongeren tussen de 18 en 27 jaar en statushouders samenleven in 250 studio’s. Dit soort plekken, was het idee, zou de integratie en saamhorigheid bevorderen. Maar al vanaf het begin liep het vaak mis: er waren vechtpartijen, geweld, drugsproblemen en bedreigingen. In 2024 werd een oud-bewoner van Stek Oost veroordeeld voor twee verkrachtingen.
Begin dit jaar kwam het project opnieuw onder een vergrootglas te liggen toen het onderzoeksprogramma Zembla nieuwe incidenten onthulde. Zo zou woningcorporatie Stadgenoot in de zomer van 2023 hebben vermoed dat er een groepsverkrachting in een van de woningen had plaatsgevonden – iets waarvan nooit melding was gemaakt of aangifte is gedaan. Volgens Zembla werd de situatie voor Stadgenoot onhoudbaar: de veiligheid van bewoners in het complex, jongeren én vluchtelingen, kon niet meer gegarandeerd worden. Ook medewerkers voelden zich onveilig. De corporatie liet het stadsbestuur weten „in deze vorm” niet verder te willen gaan.
In een debat eerder deze maand probeerden wethouders Pels en Groot Wassink uit te leggen dat de situatie de laatste jaren stabieler was geworden. Na het uitwerken van een aantal scenario’s werd afgesproken dat vanaf 2024 nog slechts 30 procent van de woningen naar statushouders zou gaan in plaats van 50 procent – een optie die een paar jaar eerder al was geopperd. Ook werd geregeld dat Stadgenoot niet langer verantwoordelijk zou zijn voor de sociale veiligheid. De gemeente contracteerde hiervoor een externe partij.
Taakstelling toch meegewogen
Uit een raadsbrief bleek maandag dat er recent weer incidenten waren. Twee bewoners – een statushouder en een starter – zouden zich agressief en verward hebben gedragen, de gemeente schakelde daarna extra beveiliging in. Voor de oppositie was dit het bewijs dat het college de problemen structureel onderschat. VVD, JA21, CDA, Volt en lokale partij De Vonk riepen de wethouders daarom in een spoeddebat ter verantwoording. Ze vroegen zich af of de raad wel goed was geïnformeerd.
Dat er verschrikkelijke dingen zijn gebeurd bij Stek Oost, daarover was iedereen het woensdag eens in de raadszaal. „Maar de suggestie dat dit een experiment is waar het gaat om ideologie, klopt niet”, zei wethouder Groot Wassink. Misschien, gaf hij toe, had hij eerder te stellig gezegd dat de „taakstelling” – het aantal statushouders dat de gemeente van het Rijk moet huisvesten – „nooit een argument” was. „Natuurlijk is die meegewogen. Maar nooit doorslaggevend geweest.”
Wethouder Pels erkende dat ze de raad beter had kunnen informeren. Ze had vollediger willen zijn in een brief over de maatregelen bij Stek Oost in 2023. „Had die ene zin er maar in gestaan: ‘Naar aanleiding van onrust bij Stadgenoot hebben we verschillende scenario’s ontwikkeld, uiteindelijk is het deze geworden.’” Beide wethouders weerspraken dat jarenlang niet is ingegrepen en dat het geen optie was met het project te stoppen. „We hebben overeenkomsten gesloten met alle betrokkenen”, aldus Groot Wassink. „We hebben weet ik niet hoeveel maatregelen genomen. Niets is onbespreekbaar geweest.”
Het debat over Stek Oost eindigde zonder gevolgen voor het college: geen van de ingediende moties haalde een meerderheid. VVD en JA21 dienden een motie van afkeuring in tegen wethouders Pels en Groot Wassink, maar kregen alleen steun van Forum voor Democratie. Ook een motie van JA21 om te stoppen met gemengd wonen, werd niet gesteund. Stek Oost blijft in principe open tot 2028. Met beveiliging.
Lees ook
Vluchteling naast starter: is het experiment geslaagd?


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/20221326/200226VER_2031755483_nigeria.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/20232127/ANP-551314486.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/20105710/200226ECO_2031729369_nieuwbouw.jpg)


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/18180707/web-180226VER_2031688849_Nestle.jpg)
:format(jpeg):fill(f8f8f8,true)/s3/static.nrc.nl/bvhw/wp-content/blogs.dir/114/files/2019/07/roosmalen-marcel-van-online-homepage.png)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/02/18151808/180226VER_2031682823_irak.jpg)
/https://content.production.cdn.art19.com/images/e3/0c/4e/41/e30c4e41-39c9-4cbc-adec-5203e7bcc24a/28134e97ecb162f146775d0320c0172b9338754bb12125def17c6792d48d796486fd159c4dfa47265c3677bb62159dc91e1d4c35f8e34c170e151805e1d36011.jpeg)
English (US) ·