Wat gebeurt er als je een chihuahua met een Deense dog kruist?

2 dagen geleden 4

Alle honden behoren tot dezelfde soort: Canis lupus familiaris. De meeste rassen zijn pas in de laatste drie- tot vierhonderd jaar ontstaan door gericht fokken, maar genetisch gezien lijken ze nog zeer sterk op elkaar. Ze stammen allemaal af van de wolf (Canis lupus), waarmee ze nog steeds kunnen kruisen. Maar kunnen ze ook allemaal met elkáár kruisen? Bijvoorbeeld Deense dog (60 tot 90 kilo) met chihuahua (1,5 tot 3 kilo)?

Het is een typische borrelvraag, maar wel eentje die raakt aan een van de fundamentele vragen in de evolutiebiologie: wat is eigenlijk een ‘soort’? Biologen proberen het concept al bijna 400 jaar te definiëren, maar ze komen er niet goed uit. Er is min of meer consensus dat organismen tot dezelfde soort behoren als ze onder natuurlijke omstandigheden met elkaar kunnen paren en dan vruchtbare nakomelingen krijgen. Een muilezel is niet vruchtbaar, dus paard en ezel zijn twee verschillende soorten.

Maar ja, er zijn allerlei grijze gebieden. Veel planten doen bijvoorbeeld helemaal niet aan seksuele voortplanting: ze vermeerderen zich alleen via stekjes of wortelstokken, en toch onderscheiden we daarin duidelijke soorten. Zilvermeeuw en kleine mantelmeeuw hybridiseren volop, en krijgen vruchtbare nakomelingen, maar zijn toch twee soorten.

Deense dog en chihuahua behoren daarentegen tot dezelfde soort maar zullen onder natuurlijke omstandigheden nooit met elkaar paren. Al was het alleen al omdat dat fysiek onmogelijk is. De details kunt u zich voorstellen, beide kanten op: groot vrouwtje en klein mannetje, en andersom. Zelfs bij minder extreme rascombinaties gebeurt het weleens dat vrouwtjes gewond raken bij de paring, aan hun rug of vagina. Dierenartsen raden fokkers aan hier zorgvuldig mee om te gaan.

Voorbeelden van ‘extreme’ kruisingen

Kunstmatige inseminatie zou wel kunnen. In de hondenfokkerij bestaan daarvoor strikte regels. Eén regel luidt dat je het alleen mag doen bij combinaties die zich onder natuurlijke omstandigheden al eens hebben voorgedaan. En dan kiezen fokkers in de regel voor de grotere hond als moeder. Als de vader de grotere hond zou zijn, zou de grootte van de puppy’s in de baarmoeder of in het geboortekanaal ernstige problemen kunnen veroorzaken.

Dus theoretisch gezien zou een vrouwelijke Deense dog na kunstmatige inseminatie prima jongen kunnen krijgen met een mannelijke chihuahua. In de wetenschappelijke literatuur zijn daarvan geen voorbeelden beschreven. Wel zijn er talloze goed gedocumenteerde voorbeelden van andere ‘extreme’ kruisingen. Vaak worden die designer dogs genoemd. De bekendste is de labradoodle: een kruising tussen labrador en poedel. Bij de standaard labradoodle zijn de ouderhonden vrijwel even groot, en maakt het dus niet uit wie de vader of de moeder is. Bij de miniatuurversie (labrador × dwergpoedel) is de labrador altijd de moeder. Genetisch gezien is de labradoodle overigens grotendeels poedel, omdat fokkers vooral hebben geselecteerd op de mooie krullerige vacht.

Een nieuwkomer op het hondentoneel is de pomsky: een kruising tussen een dwergkeeshond (pomeranian in het Engels) en een Siberische husky. En dan heb je nog de Aussiepom (dwergkeeshond × Australische herder) en de cockapoo (cocker spaniël × dwergpoedel). In alle gevallen is het grotere ras de moeder. Een veelgehoord misverstand over dit soort kruisingen is dat ze gezonder zouden zijn dan de pure ouderrassen, maar dat is dus niet zo, aldus recent onderzoek in PLOS – soms hebben ze zelfs juist specifieke problemen, zoals oorontstekingen.

Lees het hele artikel