Oost en West organisch verenigd in de choreografieën van Akram Khan

10 uren geleden 1

Het was een kalme mededeling die in oktober op de website van de Akram Khan Company (AKC) verscheen: Thikra:
Night of Remembering,
de jongste productie van het gezelschap dat de Britse choreograaf in 2000 oprichtte, is tevens de laatste productie van het gezelschap. Als de internationale tournee in 2027 is voltooid, wordt de groep opgeheven.

De danswereld werd verrast door het besluit dat Khan en Farooq Chaudhry, medeoprichter en producent-directeur van AKC, in goed overleg hebben genomen. Nog altijd is hij een gewilde gast op internationale podia en festivals.

Met zijn eerste solo’s Loose in flight, Fix, Rush en Polaroid Feet gaf hij aan het begin van het millennium zijn visitekaartje af. Khans uitstekende techniek was imposant, zijn charisma onmiskenbaar. Als veelzijdig performer betoverde hij het publiek in zijn klassieke kathaksolo’s met complexiteit, precisie, kracht en razendsnelle bewegingen. Maar hij wilde meer, keek verder dan de grenzen van de klassieke Noord-Indiase dans die bekend is om de uiterst exact geplaatste hand-, arm-, hoofd- en beenbewegingen en de zeer gecompliceerde, gestampte voetritmes. Die krijgen vaak nog extra nadruk door de enkelriemen met bellen (ghungroos).

Ook in de groepswerken die al snel volgden, toonde hij zijn nieuwsgierigheid. Bewegend op het snijvlak van culturen creëerde hij zijn eigen werelden, door de klassieke Indiase dans, opgerekt en bevrijd van strenge regels, in het danserslichaam te verweven met westerse technieken en te transformeren tot een hedendaagse dansvorm. In 2012 bewonderde een miljoenenpubliek (onbewust) de manier waarop hij Oost en West organisch verenigde in dans toen hij de choreografie verzorgde voor de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Londen.

 Night of Remembering.

Scène uit Thikra: Night of Remembering.

Foto Camilla Greenwell

Kleine cultuurschok

Dat Khan een natuurtalent was, werd al vroeg duidelijk. Als driejarige kreeg hij in zijn geboorteplaats Londen zijn eerste danslessen. Vier jaar later begon de nu 51-jarige Khan met klassieke Indiase dans, met name de Noord-Indiase kathak. Thuis en met vriendjes keek hij de kunst af van Michael Jackson. Dans was zijn taal en hij kon eerder een minutenlange, ingewikkelde choreografie onthouden dan een volzin produceren.

Zijn uitzonderlijke kwaliteit viel ook de beroemde regisseur Peter Brook op. Hij selecteerde de dertienjarige Khan voor een tweejarige wereldtournee van The Mahabharata, een multidisciplinaire megaproductie naar het Indiase epos. Het was een vormende ervaring die Khan definitief op het spoor van dans en theatrale samenwerking zette.

In zijn omgeving was een danscarrière geen gebruikelijke loopbaan. Terwijl zijn (Aziatische) vrienden voor arts of advocaat studeerden, vertrok hij naar de dansacademie. Daar wachtte hem een kleine cultuurschok. Niet alleen had hij nog nooit les in moderne danstechnieken gehad, hij had ook geen enkele hedendaagse dansvoorstelling gezien. Ter oriëntatie keek hij video’s van bekende choreografen, onder wie Pina Bausch en de destijds smaakmakende Britse groep DV8. Hij was totaal van zijn stuk gebracht, maar was óók gefascineerd door het provocatieve karakter en herkende de poëzie in verrassende aspecten als realisme en geweld.

Zijn opleiding aan de De Montfort University in Leicester en Northern School of Contemporary Dance en P.A.R.T.S. (de Brusselse school van Anne Teresa De Keersmaeker) zette de luiken ver open en met zijn eigen gezelschap ging hij op zoek naar verdieping en verbinding met andere dansvormen en kunstenaars. In de credits van zijn choreografieën wemelt het van de bekende namen. Voor zijn eerste grotere groepswerk, Kaash (2002), werkte hij bijvoorbeeld samen met beeldend kunstenaar Anish Kapoor en componist Nitin Sawhney. In 2005 trad hij samen met de Vlaams-Marokkaanse danser en choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui op, die net als Khan een islamitisch-Europese achtergrond heeft. Met het onvergetelijke Zero Degrees onderzochten zij het nulpunt van hun meervoudige identiteit. Bekroond beeldend kunstenaar Antony Gormley ontwierp het decor met spierwitte mensfiguren.

https://www.youtube.com/watch?v=7gpevhgdot0&t=8s

Politieke lading

Samenwerking en co-creatie vormen een rode draad in zijn oeuvre, ook met podiumkunstenaars uit andere genres en disciplines, grootheden op hun eigen gebied. Met onder anderen de grensverleggende, eigenzinnige sterballerina Sylvie Guillem (Sacred monsters), flamenco-iconoclast Israél Galván (Torobaka) en filmactrice Juliette Binoche (In-i) trad hij internationaal op voor uitverkochte zalen. Intussen bleef hij zelf optreden met soloprogramma’s, tot zijn lichaam een jaar of vijf geleden definitief ‘stop’ zei.

In de loop der jaren kreeg zijn met onderscheidingen overladen werk steeds sterker een politieke lading. Vooral de ongeneeslijke menselijke neiging tot vernietiging van zichzelf en de natuur, ongelijkheid en onrecht zijn terugkerende thema’s. Zijn laatste solovoorstelling Xenos ging over de doodgezwegen Indiase strijders uit de Eerste Wereldoorlog. In de radicale versie van de balletklassieker Giselle (2016) die hij voor het English National Ballet creëerde – en die unaniem als meesterwerk wordt beschouwd – verplaatst hij het drama van het eenvoudige, bedrogen meisje naar de wereld van uitgebuite textielwerksters in India en Bangladesh.

Thikra: Night of Remembering is een soort zuiveringsritueel, een wedergeboorte – toepasselijke thematiek voor de laatste voorstelling van de Akram Khan Company. De radicale stap is geen consequentie van financieel zwaar weer, meldde de verklaring op de website, maar een gevolg van het verlangen „op nieuwe manieren te blijven groeien, bijdragen en inspireren”. Dus wie weet kan Khan, bevrijd van zijn verantwoordelijkheden als artistiek directeur, eindelijk werk creëren voor de groep die hij ooit „zijn droomgezelschap” noemde: het Nederlands Dans Theater.

Lees het hele artikel